Een westerlinge in Marokko



Koninklijk bezoek

Door: Wendela Huisman

‘Een bezoek van Koningin Beatrix? Dat wens je je ergste vijand nog niet toe!’, aldus één van mijn collega’s op de ambassade, ‘Dan kun je al je andere werk de komende maanden wel vergeten.’ Een bezoek van de Koninklijke familie is voor Nederlanders eerder een last dan een lust en men is niet gauw onder de indruk. Hoe zit dat hier in Marokko? Met een bezoek van Koning Mohammed VI, een koning met veel meer macht dan de hele Nederlandse Koninklijke familie bij elkaar? Koning Mohammed VI is een drukbezet man. Iedere dag weer staat hij op de voorpagina van alle kranten, terwijl hij een ziekenhuis of school opent. Wie kansberekening toepast, zal dan waarschijnlijk ook tot de conclusie komen dat, gezien de frequentie van deze Koninklijke bezoeken, ook wij een keer aan de beurt zouden komen. Afgelopen week was het dan ook geheel onverwacht in één keer zover, op SIAM, de landbouwbeurs in Meknès.

‘Wendela, we zijn in Meknès, maar je kunt ons voorlopig niet meer bellen want iedereen moet zijn of haar telefoon inleveren,’ aldus het hoofd van onze afdeling aan de telefoon terwijl ik netjes op kantoor in Rabat zit, ‘de Koning komt waarschijnlijk langs vandaag.’ Het woord ‘waarschijnlijk’ is erg belangrijk in deze context. Het jaar daarvoor heeft iedereen drie dagen op de Koning gewacht, tevergeefs. Urenlang hoor ik dan ook niets, totdat ik weer een telefoontje krijg: ‘Ik heb een scooter op zonne-energie aan de Koning gegeven! Ik ben gewoon langs alle beveiliging heengestapt toen hij voorbij kwam en heb hem een scooter aangeboden!’ Een goede zet: de koning is namelijk een snelheidsduivel en staat bekend om zijn voorliefde voor dure pakken en snelle auto’s. Een scooter op zonne-energie maakte vast nog geen onderdeel uit van zijn collectie.



Een andere collega vertelde dat hij laatst naast Mohammed VI reed op de snelweg ‘Ik weet het heel zeker! Geen beveiliging om hem heen, maar we reden op gelijke snelheid en ik heb zeker een aantal minuten naast hem gereden. Waarschijnlijk was hij gewoon zelf een ritje aan het maken.’ Er bestaan meer van dit soort verhalen over de Koning. Zo schijnt hij af en toe ook incognito Marokkaanse dorpjes te bezoeken. Toch opvallend voor een man die omgeven wordt door hordes beveiliging en wiens bezoeken normaal gesproken al maanden van tevoren voorbereid worden. Gebouwen worden overgeschilderd, bomen neergezet, vlaggen opgehangen en de politie gaat persoonlijk de huizen langs die op de route te liggen om er zeker van te zijn dat alle ramen dicht zijn ten tijde van het bezoek. Het is dan ook niet verwonderlijk dat iedere kilometer die de Koning aflegt de staat 9000 Euro schijnt te kosten.


Koning Mohammed VI is erg geliefd in Marokko. Zijn portret hangt overal, van lokale snackbar tot halal slager tot maatpakkenatelier. De Koning bekritiseren kan dan ook echt niet. Mensen praten nog jarenlang na over zijn bezoek. Toch net iets anders dan in Nederland. De dag na het bezoek van de Koning mocht ik namelijk met de ambassadeur mee naar de SIAM. Van mijn leidinggevende had ik al gehoord dat hij de Nederlandse ondernemers in toom had moeten houden de dag daarvoor: ‘Jongens, dit is geen Koningin Beatrix die hier komt om te koekhappen, let op je woorden, ga rechtop staan en gedraag je!’. Typisch Nederland natuurlijk. De ondernemers leken dan ook totaal niet onder de indruk toen ik ernaar vroeg: ‘Ja wat een gedoe zeg, al die beveiliging.’ ‘Best aardig om die man gezien te hebben hoor, maar we zijn wel veel zaken misgelopen.’ Mijn sussende opmerkingen over het feit dat ze nu wel meteen een goed inzicht hadden verkregen in de Marokkaanse cultuur vielen dan ook maar ten dele in goede aarde. Gelukkig is een bezoek van de Koning ook goede publiciteit. Uiteindelijk waren de ondernemers toch ook erg tevreden met de gedane zaken, met of zonder Koning.


Waar Nederlanders misschien te weinig respect tonen naar onze Koninklijke familie, staat de Koning hier haast gelijk aan God zelf. Toch is ook Koning Mohammed VI een mens, wat weer bleek tijdens het presenteren van de scooter: ‘Hoe snel gaat die scooter precies?’ Hoewel de meeste ondernemers het onzin vonden, als nuchtere Nederlanders, was er één die het maar al te goed doorhad. Hij vond de gulden middenweg tussen Marokkaans respect voor de Koning en Nederlandse nuchterheid: ‘Hier, een speelgoedautootje dat op water loopt, wilt u dat aan het zoontje van de Koning geven?’ aldus zijn vraag aan onze ambassadeur ‘Zou leuk zijn, dan kunnen ze samen spelen…’  


 

 
Workshop ‘Zakendoen in Marokko’


Door: Wendela Huisman


Zakendoen in Marokko. Het lijkt zo eenvoudig. Dingen als beheersing van de Franse en/of Arabische taal en het hebben van geduld zijn geen overbodige kwaliteiten, maar er zijn meer dingen waar men rekening mee moet houden. Zaken doen is anders in Marokko, zeker voor een buitenlander; Want hoe onderhandel je? Wat is het belang van een netwerk? Hoe bereid je je goed voor? En waar bevinden zich de addertjes onder het gras? Dus bij deze, voor eenieder die het interesseert, een spoedcursus ‘Zakendoen in Marokko’, het land van tajines, kamelen, moskeeën en medina’s.


Les één: ‘Show me what you’ve got’.
Ben je belangrijk? Heb je een goede positie? Heb jij een flinke vinger in de pap? Gedraag je dan ook zo. Zorg je dat je te laat binnenkomt, veel belt, druk bezig bent en continu wegloopt. Je moet immers flink benadrukken hoe blij de overige aanwezigen mogen zijn dat jij tijd voor ze vrij hebt kunnen maken. 
 

Les twee: ‘Gebruik je Netwerk’. Zie hier hét voordeel van grote families; je hebt namelijk sowieso altijd wel een neef, buurman of kennis van je tante die een eigen zaak heeft en je een goede prijs kan geven of die in ieder geval iemand kent die weer iemand kent die dat kan. Teveel betalen voor een product of dienst zal jou nooit overkomen.  



Les drie: ‘Smooth Talking’. In het Frans kun je toveren met woorden, omdat de Franse taal nu eenmaal een enorm aantal woorden bevat. Haal hier je voordeel uit om dingen mooi af te schilderen, de tegenpartij zich op z’n gemak te laten voelen en complimentjes uit te delen. Vraag naar z’n oma, z’n ezel of z’n pasgeboren kind en/of schuif hem wat ‘steekpenningen’ toe. Of het nu om enorme deals gaat, een akkefietje met de douane of om een kilo sinaasappels in de medina; work your magic.



Les vier: ‘Zeg nooit ja of nee’. Direct nee zeggen op een verzoek doe je niet, ongeacht je functie, want dat wordt als zeer onbeschoft beschouwd. In hogere functies draai je eromheen, in lagere functies kun je geen direct antwoord geven omdat je niet over de autoriteit beschikt en je bang bent om je superieuren voor het hoofd te stoten. Wat de situatie ook is, met ‘Incha’allah’ sluit je het altijd netjes af. 

Les vijf: ‘Ken je klanten’. Schat in hoe ver je precies met een klant kun gaan en hoe groot zijn of haar kennis van zaken is (oftewel in welke mate je hem op kunt lichten). In de medina vraag je bijvoorbeeld meer als de klant in kwestie een blank hoofd heeft, maar zegt er, zoals zojuist geleerd in de les ‘Smooth Talking’, natuurlijk wel bij dat dit een ‘special price’ is omdat je z’n ‘vriend’ bent, op z’n zusje lijkt of een mooie moeder hebt.


Les zes: ‘Improviseer’. Presentaties, seminars en vergaderingen voorbereiden? Orde aanbrengen? Een agenda bijhouden? Why would you! Dat is toch nergens voor nodig, je prioriteiten liggen momenteel écht wel ergens anders. Van tevoren loopt de stress dan ook keer op keer flink op, maar zoals een echte Marokkaan los je de situatie zo weer op met een knap staaltje improvisatietalent en mooie woorden.


Hoewel Marokko, zijnde een ontwikkelingsland vol corruptie, ongelijke behandeling en inefficiëntie, veel van ons kan leren, is dat stiekem andersom dus ook zo. Marokkanen kunnen netwerken als de beste, kunnen weigeren zonder onbeleefd te zijn, kunnen indruk maken zonder arrogant te zijn, kunnen improviseren als de beste en gaan, laten we zeggen ‘flexibel’ met de regels om. Dus Marokkaans zakendoen, why not?

l’Amour

Door: Wendela Huisman

 
‘Ik wil jou graag met een echt goede Marokkaan zien daten’, zegt mijn mannelijke collega tegen mij. Mijn hersenen werkten razendsnel, want hoe zeg je beleefd dat je daar totaal geen zin in hebt? Opeens had ik dé perfecte oplossing: ‘Sorry, maar ik moet van mijn ouders met een katholieke jongen thuiskomen.’ Onzin natuurlijk, maar een overtuigender argument kun je niet bedenken. Marokkaanse meiden zijn namelijk ook bij wet verplicht om met een Islamitische jongen te trouwen, terwijl Marokkaanse jongens alles vrij staat. Bovendien zijn ouders heilig. Mezelf beter indekken dan dat kon dus niet. Maar waarom was mijn reactie van een dergelijke aard? Omdat ‘de liefde’ in Marokko gecompliceerd is. Het gevoel ‘liefde’ of überhaupt ‘verliefdheid’ is namelijk voor velen een luxeproduct; men gaat direct over tot de ‘noodzaak’ van ‘het huwelijk’, feitelijk een zakelijke deal, niet meer dan een optelsom van voordelen.



Als Westers meisje is het dus maar beter om mijn ‘katholieke’ argument aan te houden. Ik ben, zoals ieder Westers meisje/vrouw, namelijk een optelsom met een zeer positieve uitkomst: wij zijn in de ogen van velen gemakkelijk, hebben geld, een ‘exotisch’ uiterlijk en een ‘goede’ nationaliteit. Wat wil je nog meer? Is het niet serieus, dan toch tenminste voor een avondje. Normen en waarden hebben Westerse meisjes immers niet, aldus wat velen zullen denken. Verhalen zat van Marokkaanse jongens die er vrolijk op los leven met (Westerse) meiden om vervolgens hun moeder te vragen om een goed, net Marokkaans meisje voor ze uit te zoeken voor een huwelijk. Sommige ‘nette’ Marokkaanse meisjes zien hun man dan ook slechts een paar keer voor het huwelijk voor een kopje thee en that’s it.

Volgens de Koran behoren namelijk zowel de man als de vrouw als maagd het huwelijk in te gaan. In de praktijk geldt dit echter alleen voor vrouwen. Sommige jongens op het platteland weten onwetende meisjes te overtuigen van het feit dat je met een Koran en twee vrienden als getuigen, ‘getrouwd’ bent om zo seks te legitimeren. Wanneer het meisje dan zwanger raakt, wijzen zij er fijntjes op dat een dergelijk huwelijk al jaren niet meer rechtsgeldig is, en het meisje en kind worden sociaal verstoten. Toch schijnt seks voor het huwelijk wel gewoon te gebeuren; met creatieve oplossingen als maagdenvliesherstellende operaties en kippenbloed op de lakens. En seks voor het huwelijk kan in sommige gevallen wel, zolang je daarna maar trouwt.

Vrouwen zijn echter ook niet uit op ware liefde. Een meisje in de trein vertrouwde me toe: ‘Ik heb zoveel geluk gehad, ik ben getrouwd met een jongen die ik leuk vind. De meeste meiden trouwen om geld of status.’ En dat uit de mond van een universitair opgeleide meid, met buitenlandervaring en vloeiend Engels! Vrouwen zijn hier echter zowel sociaal als financieel afhankelijk van hun man, dus op zich is het geen vreemde redenering. Wat ook meteen weer verklaart waarom zakenmannen van vijftig het heel normaal vinden om mij aan te spreken op straat; het idee dat ik m’n eigen geld wel kan verdienen en dus totaal niet onder de indruk ben, komt immers niet in ze op.


Perspectieven verschillen echter zeer per generatie; ‘Ik vertel mijn vader niet dat ik een vriendje heb, daarvoor heb ik teveel respect voor hem’ aldus een Marokkaans meisje. En het meisje dat verkleed als jongen de mannen-dormitories van de universiteit in durfde te sluipen om bij haar vriendje te zijn en betrapt werd, gaat als heldin de geschiedenis in.



Één ding moet gezegd worden; ergens kan ik het respect dat men heeft voor dit soort dingen wel bewonderen, in Nederland wordt er soms misschien wel erg weinig waarde aan gehecht. Toch houd ik me bij de afschrikmanier die hier het beste werkt; intimideren door snel en hoogstaand Engels te spreken, duidelijk een standpunt in te nemen en met reisverhalen te gooien, gecombineerd met het ‘katholieke’ argument. Geen conservatieve Marokkaan die mij nog daadwerkelijk interessant vindt, wedden?


Arm en rijk, in Marokko daadwerkelijk een wereld van verschil


Door: Wendela Huisman

 
Afgelopen week ben ik overvallen door een man met een enorm mes, recht voor de Nederlandse Ambassade, om zeven uur ’s avonds. Ik ben er gelukkig goed vanaf gekomen, met slechts wat schrik en schaafwonden. De vriendin waar ik mee was iets minder: tas kwijt, een snee in haar hand en heel veel schrik. Dit soort dingen kunnen in Nederland ook gebeuren, dat weet ik maar al te goed. Toch is het in die vier jaar Tilburg, waarin ik iedere avond alleen naar huis fiets door het donker, nog nooit gebeurd, maar gebeurt het in Rabat wel binnen vijf weken. 



‘Waarom?’ vraag je dan af. Natuurlijk, ik ben overduidelijk buitenlands, we spraken Nederlands met elkaar, hadden beiden een tas bij ons en weigerden de dief in kwestie geld te geven toen hij bij ons kwam bedelen. Hij zag er netjes uit, schoon, geschoren en met nieuwe kleren aan. Bovendien was hij jong en gezond en kan hij dus werken voor z’n geld, net als ieder ander, aldus onze gedachtegang. Niet dus, voor we een uitweg konden vinden trok hij een enorm mes onder z’n kleren vandaan. Achteraf vraag je je af; ‘Wat bezielt zo iemand?’ ‘Waar komen dit soort dingen vandaan?’ ‘Waarom gebeurt het nu wél in Marokko, terwijl het mij in Nederland nog nooit overkomen is?’



Hoewel er ongetwijfeld ook gewoon gekken of misschien zelfs ‘slechte’ mensen op deze wereld rondlopen, zijn er in Marokko meer voor de hand liggende redenen. De verschillen tussen arm en rijk zijn hier enorm. Naast die auto van vier ton rijdt een aftands autootje met een varken op de achterbank. Het gros van de bevolking is arm en dat terwijl de koning in de top tien van rijkste mensen ter wereld staat.


 
En mocht de overheid dan toch ingrijpen door bijvoorbeeld sociale woningbouwprojecten op te starten voor de mensen uit de bidonvilles (sloppenwijken), dan worden deze appartementen opgekocht door rijken, die het voor veel te hoge prijzen doorverkopen aan de armen.


 
Zorg in ziekenhuizen bestaat überhaupt niet, men is qua wassen, inname van medicijnen en voeding volledig afhankelijk van familie. En weeskinderen of mensen met familie in een andere regio? Die zijn afhankelijk van het bezoek van de andere patiënten. Voor mensen die geen ziekenhuizen kunnen betalen is de situatie nog veel schrijnender; de blinde mannen op straat, mensen met open benen, mensen zonder ledematen en kinderen in oude rolstoelen zijn dieptriest. En zelfs als je gezond bent en misschien zelfs over intellectuele capaciteiten beschikt, zie dan die sociale ladder maar eens te beklimmen. De treden tussen het ‘plebs’ en de ‘patriciërs’ zijn namelijk ooit een keer afgebroken of hebben überhaupt nooit bestaan. Lukt het je toch, heb je vleugels of een touw om je omhoog te trekken, dan weten corruptie en vriendjespolitiek je wel weer naar beneden te gooien, naar de plek waar je ‘thuishoort’.



Leiden deze omstandigheden tot dit soort gedrag? Mensen zijn immers verantwoordelijk voor hun eigen geluk, maar we behoren de zwaksten in de samenleving ook te dragen en in Marokko wekt men niet eens de illusie van eerlijke kansen en een sociaal vangnet. Toch sterft niemand in Marokko aan de honger, daar is het land te ontwikkeld voor. Misschien dus wel, misschien ook niet. Voor sommige mensen schijnt bedelen namelijk ook gewoon een weekendbaantje te zijn, terwijl andere echt arme en gehandicapte stakkers geduldig, dag in dag uit, blokjes chocolade één voor één verkopen. Nota bene bij deze gehele discussie is daarnaast dat koning Mohammed VI ook nogal eens de neiging heeft om zijn ‘vergevingsgezindheid’ te tonen door rasechte criminelen vrij te laten uit de gevangenis.


Wat is dus waarheid? Is het armoede en wanhoop of is het puur eigen gewin? Ik weet het niet. Eén ding weet ik wel: waren we nu maar door een arme, zieke stakker aangevallen die niet op het idee kwam om blokjes chocolade te verkopen of geen andere uitweg zag. Hoewel dat het nog steeds niet rechtvaardigt, had ik mezelf dat toch een heel stuk beter kunnen verkopen



Positieve discriminatie in een Marokkaans motorbootje


Door: Wendela Huisman


Vrouw zijn in Marokko is niet gemakkelijk. Voor een Westerse vrouw gaat deze stelregel zeker op, maar zij geniet nog veel voordelen ten opzichte van een Marokkaanse vrouw. Zij is immers buitenlands en kan het dus sowieso niet goed doen in de ogen van een gelovige Marokkaan. Marokkaanse vrouwen ontspringen de dans echter niet. Hoewel ik tegen positieve discriminatie ben, is het in Marokko dan ook een ander verhaal. In Marokko moet men wel, honderden jaren aan verschillen tussen man en vrouw haalt men immers niet zomaar in.

 

 
Incha’Allah


20-02-2010 door Wendela Huisman

 
‘À demain, incha’Allah’, zegt de dame tegen mij. ‘Incha’Allah?’ ‘Ja, als God het wil’. En God heeft nog al wat te willen hier in Marokko: ‘het wordt volgende week mooi weer, incha’Allah.’ Maar ook ‘mijn dochter gaat volgend jaar trouwen, incha’Allah’ of ‘mijn zoon wordt jurist, incha’Allah’. Hoewel het natuurlijk zeer lovenswaardig is om de onzekerheid die de toekomst met zich meebrengt vandaag al in ogenschouw te nemen en ik ook zeker niet voor ongelovige Thomas, laat staan voor een ongelovige PVV-er, wil spelen, heb ik persoonlijk toch wat moeite met het principe ‘incha’Allah’.


 


Dit principe is namelijk niet erg praktisch: hoe weet men nu wanneer een afspraak wel of niet doorgaat? Allah’s wegen zijn nu eenmaal niet de gemakkelijkste om te doorgronden. Helemaal niet gezien de Marokkaanse etiquette: negatief antwoorden op een uitnodiging of verzoek is namelijk onbeschoft. Positief antwoorden, bevestigend knikken en vervolgens het compleet tegenovergestelde doen, dat is pas beschaving. Maar veel erger nog is dat het hele liberale principe van ‘eigen verantwoordelijkheid’ op deze wijze door ‘incha’Allah’ gewoon van tafel wordt geveegd: alles hangt immers af van Allah. De praktijk wijst uit dat deze gedachtegang ook daadwerkelijk het gedrag overheerst: het verkeer is levensgevaarlijk en mensen stappen rustig met een fles whisky op achter het stuur, het is immers Allah die rijdt? Nota bene hierbij is natuurlijk dat goede moslims geen alcohol nuttigen, maar dit principe dan vaak wel weer aanhangen. Niet alleen het verkeer verloopt echter op deze wijze: ook in ziekenhuizen heeft Allah de touwtjes in handen. Als een patiënt tijdens een operatie overlijdt, is dat kennelijk ‘incha’Allah’, en niet gedeeltelijk misschien ook aan de capaciteiten en toewijding van de betrokken artsen te wijden.


 
Wanneer men deze denkwijze nog breder trekt, in de zin van ieders individuele levenspad, dan blijft er toch geen motivatie over? Want jouw hele leven, dierbare lezer, zal verlopen zoals Allah het voorbestemd heeft. Oftewel: hang je studie aan de wilgen, neem plaats in je luie stoel en kijk wat Allah voor jou in petto heeft. Hoewel ik dit principe nu natuurlijk wel erg ver doortrek, is het toch onvoorstelbaar dat een land vooruitgang zal kunnen boeken met een dergelijke mindset?

Gelukkig heeft ook deze medaille een keerzijde. Allah’s wil kan namelijk ook heel positief uitpakken en juist dé motivatie pur sang vormen. Of, zoals een progressieve jonge arts in een Marokkaans kinderziekenhuis mij vertelde: ‘Allah heeft mij een goed stel hersenen gegeven en geen tomaten. Daar moet ik wat mee doen, zoals God het wil’.

En van die gedachtegang, beste lezer, kan de gemiddelde politicus in Nederland nog heel wat leren. Het kabinet is gevallen, incha’Allah of inchaa Bos in dit geval. En van die kans, die ons door God, Allah, of wie dan ook gegeven is, moet VVD profiteren. ‘Inchaa VVD’, laat die verkiezingen maar komen!

 

 
Geachte liberaal,

 


Een nieuw item voor Driemaster: reporters abroad. Eén vanuit Florence in Italië door Jorik Kuipers, één vanuit Rabat in Marokko door mij. Klinkt goed, toch? En wie nieuw is, is genoodzaakt tot een introductie. Bij deze: de komende vier maanden zal ik de functie van stagiaire vervullen op de Economische Afdeling van de Nederlandse Ambassade te Rabat, waarna ik twee maanden zal gaan reizen en vrijwilligerswerk zal doen ergens in de Arabische wereld. Met wie, wat en waar blijft het mystery element in deze columnreeks, ook voor mijzelf. Genoeg over mij. Liever nog introduceer ik je aan mijn metgezel voor de komende tijd. Deze metgezel behoeft een veel uitgebreidere introductie dan ikzelf, gezien zijn dubieuze reputatie: ik loop namelijk niet in burka, net zo min als dat ik een hoofddoekje draag. Mensen hier gaan niet op een kameel naar hun werk, wonen niet in een tent en hebben geen acht vrouwen en vijfentwintig kinderen. Het lijkt overbodig om dit aan jou, ontwikkelde lezer, te melden, maar je zou verbaasd staan hoeveel vragen in deze trant ik gehad heb bij aankondiging van mijn vertrek. Graag stel ik je dan ook voor aan het echte Marokko: een land dat met sprongen vooruit gaat onder de huidige koning Mohammed VI. Een land dat uitkijkt naar economische ontwikkeling en zojuist haar grenzen heeft opengesteld voor handel met onder andere de EU. Een land dat een multiculturele samenleving bevordert en een speciaal ministerie voor vrouwenrechten heeft. Helaas heeft ook mijn nieuwe vriend zijn slechtere kanten: het is nog steeds een ontwikkelingsland, de helft van de bevolking is analfabeet, men kent geen scheiding van staat en religie en ook geen godsdienstvrijheid. Een moslim die een katholieke kerk binnengaat wordt door de politie naar buiten gehaald. Corruptie viert hoogtij, de persvrijheid bestaat vooral in theorie en hiërarchie is van uiterst belang. Of, om een jonge, hoogopgeleide Marokkaan uit Rabat te quoten: ‘Everything is illegal here, unless you have money’. Fenomenen die niet in het Islamitische plaatje passen worden simpelweg als niet-bestaand afgedaan: prostitutie? Bestaat niet. Homoseksualiteit? Nee hoor, alle Marokkanen zijn heteroseksueel. En hoe Westers het land ook wil zijn, ik voel me net een kermisattractie als ik over straat loop met al die ogen op me gericht. Kortom, mijn nieuwe vriend is mystiek en heeft zijn duistere zijdes, maar hij heeft zeker ook veel potentie. Genoeg stof voor een half jaar aan columns lijkt mij zo… Dus geachte liberaal, zoals ze hier zeggen: Metšeŗŗfin, ik hoop dat wij nog veel meer van elkaar zullen zien het komende half jaar!  

 
Be-s-slama!


 

 

 

 

 

 





Er is al veel veranderd, althans dat zegt men. De gemiddelde vrouw in Marokko trouwt hedendaags op haar 27ste en krijgt 2,43 kinderen. In 1960 lagen deze gemiddeldes nog op 17 jaar en zeven kinderen. Steeds meer vrouwen leren lezen en schrijven of genieten zelfs een opleiding. Er zitten zeven vrouwen in het huidige parlement, versus 26 mannen, en Koning Mohammed VI moderniseerde het Islamitisch familierecht om de positie van vrouwen te verbeteren. Daarnaast geeft deze koning het goede voorbeeld: Mohammed VI heeft slechts één vrouw, die hoogopgeleid is en zich Westers kleed, hij houdt er geen schare aan concubines op na en Koningin Lalla Salma mag zich zowaar ook buiten de paleismuren begeven. Heel anders dan de tactiek die vader Koning Hassan II hanteerde. Ook op stage kom ik veel werkende Marokkaanse vrouwen tegen, zelfs in hogere functies.

Het gaat dus goed met de Marokkaanse vrouw? Die indruk wekt men wel ja. Toch is het voor de eerder beschreven succesvolle vrouwen niet gemakkelijk: hun waarde op de huwelijksmarkt is namelijk niet erg hoog. De dames blijven hierdoor sociale outcast, aangezien zij hun levenstaak, ‘moeder zijn’, nimmer zullen volbrengen. En dat, terwijl ze in dezelfde functie ook nog eens minder verdienen dan hun mannelijke collega’s.  Marokkaanse mannen mogen een buitenlandse vrouw trouwen (de ultieme fashionstatement), Marokkaanse vrouwen schijnen echter wettelijk verplicht te zijn om een Marokkaanse man aan de haak te slaan. Ook de gedragsregels voor vrouwen hebben bovenstaande ontwikkelingen niet kunnen bijbenen: een vrouw hoort zich namelijk bescheiden te gedragen. Zij gaat bedekt gekleed zodat zij het mannelijk geslacht niet in verleiding kan brengen, zij kijkt naar de grond, lacht en praat niet te hard, gaat niet alleen over straat en gaat niet met ander mannelijk gezelschap dan haar broer, vader, oom of echtgenoot om. Toch zijn veel van deze vrouwen, om een collega met kennis van zaken te quoten ‘vaak heel gelukkig’.

Noem het hypocriet, noem het inventief, maar persoonlijk vind ik het schitterend om te zien hoe deze vrouwen creatieve oplossingen bedenken voor de beperkingen die zijn opgelegd door hun geloof en door sociale controle. Van kleine dingen zoals een gebloemde hoofddoek, hoge hakken onder hun lange rok en een beetje make-up om zich toch nog ‘vrouw’ te voelen, tot ingrijpende dingen als maagdenvliesherstellende operaties. Hoewel dit laatste verschrikkelijk is natuurlijk, is sociale verstoting nog veel erger voor de dames in kwestie. Een collega woonde, tegen alle sociale wetten in, samen met zijn vriendin in een huis waarvan één kamer een slot had. Zodra de schoonouders weer eens op de stoep stonden, verdwenen al zijn spullen, inclusief hijzelf, achter slot en grendel. Zo bleven schoonpapa en –mama in de waan dat hun dochter zich als een brave moslim gedroeg. En als je man je in je ontwikkeling probeert te beperken? Dan heb je het winnende argument altijd achter de hand: ‘Koning Mohammed VI, directe afstammeling van de Profeet Mohammed zelf, is het met me eens’. Knappe man die daar iets tegen in weet te brengen, in een hiërarchisch land als Marokko. Men trekt de mening van de Koning toch niet in twijfel?





Maar goed, ook voldoende verliefde stelletjes op straat, dus kennelijk werkt het wel. Openlijk affectie tonen is echter onmogelijk; op zoenen in het openbaar staat namelijk een gevangenisstraf van een aantal jaar. Foto’s van een meisje dat nachtelijke bezoekjes aan haar vriendje bracht, belandden bij haar ouders in de brievenbus. Nadat haar universitaire opleiding stante pede stopgezet werd, had ze twee keuzes: of het land verlaten of op haar kamer blijven. Echt onvoorstelbaar naar mijn mening, maar ook hier doet men dat in de veronderstelling het beste te doen voor zijn of haar kind, en een ‘fling’ of een vriendje is dat in hun ogen duidelijk niet.