Nieuws : De grote pacificatie van 2007

Afgelopen maandag presenteerden Pauw en Witteman hun speciale prachtwijkenuitzending. Ik had de volgende dag tentamen, maar besloot die laatste bladzijden te laten voor wat zij waren en mijzelf te zetelen voor de televisie. Vanavond kwam de doorbraak in het integratiedebat, ik ging live geschiedenis kijken. Het programma heeft een uur geduurd, maar in mijn gedachte leek het wel een eeuwigheid. Dat heb ik meestal als ik een ongelooflijke hoofdpijn ontwikkel.

Het klonk aantrekkelijk: een tafel vol met mensen die beleid kunnen maken, gasten die in het veld staan en een publiek dat van zich kan laten horen. Job Cohen -die overigens door zijn politiek adviseurs heel behendig tussen zijn burgers was geplaatst- was er, minister Ella Vogelaar gaf acte de présence, Henk Kamp, woordvoerder integratie van de VVD zat aan tafel, de Amsterdamse politiecommissaris Bernard -‘Parijse toestanden'- Welten was aangeschoven en tegenover hem zat PvdA-stadsdeelvoorzitter van Slotervaart Ahmed Marcouch. Pauw en Witteman schuwden in hun vooraankondiging ook geen ambitie: vanavond zou het gaan om oplossingen. Het had de avond van de Pacificatie van 2007 kunnen worden. Had dat niet mooi gestaan in de politicologische boeken van 2030? Het had het Akkoord van Wassenaar naar de achtergrond kunnen drukken. Pauw en Witteman konden de geschiedenis ingaan als brengers van vrede, de socialisten hadden onze staat weer gered.

Tien minuten. Dat is de totale tijd die besteed is aan een discussie over oplossingen. Weinig nieuws overigens, maar daar later meer over. Waar werd die andere tijd dan aan besteed? De toon. De toon van het debat, de toon van de media, de toon van deze avond, de toon van de politie, de toon van justitie. Het duurde niet lang of de harde kern rotzakkies was verworden tot hulpeloze slachtoffers van deze maatschappij. Henk Kamp probeerde het nog maar kwam steeds meer in de hoek te staan. Alleen.

Ik begon licht zenuwachtig te worden want de klok tikte door en nog steeds zag ik niet meer dan het uitwisselen van de gebruikelijke beleefdheden en het wegduiken van verantwoordelijkheid. Gelukkig kwamen we toen bij de oplossingen. Maar met een tafel vol met bureaucraten en een zaal vol met hulpverleners en hun deerniswekkende cliënten gaat het al snel over geld. Echte bureaucraten geloven dat geld de substitutie van een probleem is. Dat bleek maar weer eens toen in het publiek Saïd Bensellam het woord nam. Deze Marokkaanse ex-portier is al een tijd bezig met de wijkschoffies waar over gesproken werd (in een ander stadsdeel) en mag zich dankzij zijn werk inmiddels Amsterdammer van het jaar noemen. Zijn boodschap was simpel: er is nauwelijks geld nodig, we moeten gewoon aan de slag. Vanaf de kant van de tafel klonk gegniffel. Die rare man toch.

Vogelaar vertelde nog eens dat zij het gesprek aan wilde gaan en de ouders van deze jongens wilde wijzen op hun verantwoordelijkheden. Nee, dwang is niet het goede woord. Zij dacht meer aan drang. Het meest frappante was -en dat is tegelijkertijd best knap- dat zij erbij keek alsof zij het ter plekke bedacht; een Nobelprijs kan niet ver weg meer zijn. De hulpverleners klapten ritmisch, meer werk voor hen. Ik zat inmiddels op het puntje van mijn stoel toen de aftiteling begon. Het was afgelopen, en ik een illusie armer.






Reageer snel!




Naam:

Email:


Let op dat alle velden ingevuld moeten worden!



Klik hier voor het nieuwsarchief